Een taaie zomer in Oostenrijk – Wim Hanegraaf

KWO Redactie
wim-hanegraaf-oostenrijk-header

Wim Hanegraaf gaat al enkele jaren in de zomer naar Oostenrijk. Hoewel dit misschien niet de nummer één bestemming is qua karperbakken, maakt de prachtige natuur een hoop goed! In dit artikel vertelt Wim over de visserij op de Ossiachersee tijdens de afgelopen zomervakantie. Gemakkelijk verliep de trip niet, maar dat wil niet zeggen dat Wim niet maximaal genoot… 


Wim aan het woord: Iedere visser wil graag dikke ‘varkens’ vangen en dan het liefst ook heel veel… Tsja, heel eerlijk: dan zijn er betere plekken te vinden dan de grote meren in Oostenrijk! Echter; de combinatie van natuurschoon, de relaxte sfeer en niet te vergeten het lekkere eten blijven er voor zorgen dat ik al enkele jaren in de zomervakantie terugkom. Volledig gesteund door het gezin uiteraard! Geloof me, vissen is leuk, maar er zijn ook belangrijkere dingen (voor mij wel tenminste).

Oostenrijk, een machtig land met schitterende meren. Wat dacht je van deze plaat van Martijn Dijkstra? Van zulke stekken wil je nooit meer weg 😉

Oke, laten we gaan kijken naar de sessie! Het was er heet dit jaar, enorm. Iets wat de vangsten niet direct ten goede kwam. Voor de vakantie was het echter geweldig. Met het heldere water van de Ossiachersee recht voor de tent konden de kids, papa en mama zich in ieder geval prima vermaken.

Het zonnige weer maakte de vakantie tot een succes!

De eerste dag stond zoals gebruikelijk in het teken van het inrichten van het kampement. Als een geoliede machine zette Saskia en ik ons onderkomen voor de komende twee weken in elkaar. Ik was eigenlijk bekaf maar in de avond blies ik toch de Raptor op en ben ik samen met de kids op zoek gegaan naar stekken. Ik doe dit elk jaar, al weet ik gewoon dat de bodem zo plat is als een pannenkoek en zo kaal als een luis. En wat denk je… Ook voor deze camping: niets te zien!

En wat denk je… Ook voor deze camping: niets te zien!

De kids gaan maar al te graag mee om een stukje te varen!

Eerdere ervaring

De ervaring van voorgaande jaren heeft me geleerd dat de meeste vissen zich ophouden tussen de zeven en acht meter diep, op ongeveer een 150 meter uit de kant. Taluds, kuilen en wiervelden zul je op dit meer niet terugvinden. Wat je wél tegen kunt komen op deze diepte, is een scherm vol vis op de visvinder. Peter, de quote camping buurman, zou zeggen: “Kijk Wim, ze liggen hier net zo dik als haren op een hond!”

Vanaf veel campings kun je prima vissen. Ook het nachtvissen is op de meeste grote Oostenrijkse meren niet zo’n probleem.

Kijk Wim, ze liggen hier net zo dik als haren op een hond!

Op rechts lag wel wat interessants. Twee plateaus bezaaid met rotsblokken die je vanuit de boot zonder problemen kon zien in het heldere water. Als toetje staat er ook een prachtige rietkraag op 400 meter vanaf de camping. Maar om deze rietkraag te bevissen, moest ik over de stenen plateaus heen. Niet een heel strak plan op 400 meter afstand! Vorig jaar was ik hier een paar vissen verloren toen ik tegen de rietkraag viste, geen enkele voorslag werkte. Nu weet ik wel waarom!

Eerdere ervaringen kunnen een hoop waardevolle informatie bevatten!

Harde kern vissers

Het water was in de voorgaande jaren veel troebeler en ik had de plateaus wel op de visvinders gevonden, maar ik wist niet dat er zoveel stenen op lagen. Een veel groter probleem waren de harde kern campingcasten (zo noemen ze zichzelf ook nog). Zij hielden mij scherp in de gaten, want om de rechterkant te bevissen had ik een andere vergunning nodig. Eentje die ik niet kreeg, maar Her (de nepcontroleur leider van de harde kern vissers) uiteraard wel. Stel je toch voor dat ik een vis zou vangen zeg! Maar ja, ik liet deze stek voor wat het was en ging recht vooruit vissen. Als dat niet werkte, kon ik altijd nog sneaky mijn rigs naar rechts uitvaren.

Een bazige ‘camping karper’ uit 2014.

Een veel groter probleem waren de harde kern campingcasten.

In de voorgaande jaren zag ik genoeg vis rond de zeven meter diep op de visvinder, maar dit keer echt stukken minder. Gelukkig had ik maar liefst 14 dagen de tijd en zou er dus heus wel iets uitkomen. De stekken werden rijkelijk bestrooid met mijn geliefde TTB Xceed boilies in diverse formaten variërend van 15 tot 25 millimeter en flink wat pellets. Ik verspreidde ongeveer 10 kilo bollen en 10 kilo pellets over een groot gebied dat ik had gemarkeerd met de GPS op de visvinder. Dit instrument werkt op deze grote meren bizar goed! Markers is met al die watersporters op dit drukke meer gewoon niet te doen. Ze weten niet wat het is en kunnen er dan ook gewoon niet met hun tengels vanaf blijven.

Het arsenaal van Wim bestaat uit de Xceed range van TTB.

Geduld is een schone zaak

Het duurde maar liefst drie nachten voordat er iets gebeurde. Enkele piepen uit de sounderbox gingen over in een krijsende run. Prrrrrrrrrrrrrr slaapdronken werd de rits van de slaapzak gezocht, liep ik de steiger op en ging ik met de boot achter de vis aan. Een schub van een kilo of 10 was de klos en de kop was er af (niet van de vis natuurlijk 😉 ). Na deze aanbeet bleef het weer een nacht lang stil maar de nacht erna was het weer tijd voor een knetter van een run. Hengel pakken, boot in en rustig achter de vis aan. In het schijnsel van de maan op het meer dobberen, met die machtige bergen om je heen, dat is toch wel een heel bruut gevoel.

De eerste is binnen!

De dril duurde voor mijn gevoel behoorlijk lang. Het rustige tikken van de slip en het keer op keer ondertrekken van de hengeltop gaven aan dat het een dikke vis moest zijn. Plotseling gaf de karper zich gewonnen en lag er een massieve schub op zijn zij boven het schepnet. Met een soepele (ik mag gerust zeggen professionele) beweging nette ik de dikbuik. Dat voelde lekker zeg 🙂 Het was het wachten meer dan waard en na enkele uren in de bewaarzak kon ik, omringd door nieuwsgierige campingkids, de fotoshoot doen.

KABOEM! Onder het oog van nieuwsgierige campinggastenwerd deze bak op de plaat gezet.

Hoofdattractie

‘s Morgens om acht uur was het al belachelijk warm en Oostenrijk kennende moest dit wel een fikse onweersbui gaan opleveren in de komende dagen. Die onweersbui, die kwam. En hoe! Gelukkig bleven wij bespaard maar hoe anders was het een paar bergen verderop. Alles verslindende modderstromen kwamen van de berg af denderen. Ik ben blij dat wij daar niet zaten zeg! Ondertussen was ik de hoofdattractie van de camping geworden. Elke avond stonden diverse kinderen van de camping te wachten op de steiger om de lijnen mee uit te varen. “Mag ik mee?” “Ja joh, geen probleem!” Als je daar niet tegen kunt dan raad ik je af om vanaf een camping te vissen, helemaal in de zomervakantie. 😉

Aan assistentie geen gebrek!

Naast mijn eigen kinderen had ik meer dan genoeg passagiers en voerassistenten. Strooien maar jongens! De laatste nacht dat ik nog kon vissen deze vakantie was jammer genoeg alweer aangebroken. De allerlaatste nacht vis ik traditiegetrouw niet. Die tijd besteed ik aan het opruimen van de eerste spullen. Het rommelde al de hele avond in de verte en er stond een licht briesje over het meestal windstille meer. “Dit kon wel eens een goede nacht worden Wim, alles op scherp jong” fluisterde ik mezelf in. Mijn vermoeden werd bevestigd en net na het donker begon het feest.

Wim’s vermoeden werd later bevestigd!

De laatste nacht

Ik kreeg een run op rechts, op de verboden plek onder aan het stenen plateau. Ik had er stiekem toch een hengel neergelegd en dat leverde nu een leuke schub op. Die nacht liepen alle hengels eigenlijk wel af, en ving ik diverse schubjes van rond de tien kilo. Leuk uiteraard, maar ik wilde nu toch wel een serieuzere vis! Het was net licht aan het worden toen ik weer een streep kreeg op de diepte hengel. Ditmaal eentje van de buitencategorie! Slaapdronken stapte ik de boot in en vaarde recht naar de vis. Toen ik er recht boven zat en druk begon te zetten zag ik een flits, en nog een flits. BOEMMM.

Er zijn betere weersomstandigheden te bedenken om op het water te dobberen! Pic credit: Rick Kloekke

Verdomme, ik had dus echt niet goed om me heen gekeken en ik zat midden in een onweersbui. Het begon ook direct te hozen! De vis was door de weersomslag en de extra zuurstof die dit met zich mee bracht ook nog eens berensterk. Al drillend probeerde ik achteruit te varen en terug naar de steiger te komen. Ik deed het zowat in m’n broek met dit noodweer! Ik zag dat het weer een schubje van een kilo of tien betrof en ik zette goed druk. De extra druk, samen met wat geklungel, zorgde ervoor dat ik de haak loste. Ik baalde er nauwelijks van en vaarde snel terug naar de kant.

Ik deed het zowat in m’n broek met dit noodweer!

Kers op de taart

Nadat de onweersbui voorbij was vertrok er direct weer een hengel. Dit keer kon ik er op m’n gemak achteraan en beleefde ik een bizarre dril. De vis was zo sterk dat ik dacht met een dikke meerval te maken te hebben. Gelukkig was dit niet het geval. Na een flinke uitputtingsslag kon ik het net onder een donkere spiegel schuiven. Missie geslaagd! Opruimen en naar huis.

Missie geslaagd! Wim kan met een goed gevoel huiswaarts vertrekken.

Miserie op de Maas

“Hoe gaat het nu eigenlijk thuis, op de geliefde rivier de Maas?”, zullen jullie misschien wel denken. Nou, om eerlijk te zijn was dit seizoen niet zo succesvol als vorig jaar en gaat het behoorlijk moeizaam. Slechts enkele projectspiegels en een paar losse schubs kwamen voorbij.

De visserij op de Maas valt tegen dit jaar. De projectspiegels zijn wel mooie vissen voor de toekomst!

Terwijl ik dit verhaal zit te typen op mijn iPad kijk ik uit over de maas. Een paar piepen uit de Delkim verraden dat het zoveelste vrachtschip voorbij komt. Misschien gaat het vannacht gebeuren, wie weet…

Stay tuned,

Wim Hanegraaf



Er zijn geen reacties

Voeg je reactie toe